DE LAATSTE LOODJES

Kaart 12

De witte lijn geeft de voortijdig beëindigde reis van 23 april tot 27 mei weer. De rode lijn de reis na de nieuwe start, op 21 juni.

Het worden, zoals te verwachten, een paar heerlijke dagen in Shotley. Net als de voorgaande keren, dat we hier waren, is de bustrip baar Ipswich het hoogtepunt. Kan je je voorstellen, dat een bus voor een groot deel van het traject over B wegen gaat. Ja hoor, daar komt weer een tegenligger. Dit keer is een lichtgroene VW Golf de pineut. Hij moet wel een halve kilometer achteruit rijden en zijn heil zoeken op de inrit van een akker, om de bus erdoor te laten. Maar ook door de stad slenteren en inkopen van zaken, die in het dorpswinkeltje van Shotley niet in het schap liggen, is natuurlijk leuk. Nelly maakt nog een fietstocht langs de rivier en ik lees wat.

Nelly fietst langs de rivier

Nelly fietst langs de rivier

Dan wordt er een dag stabiele westenwind van 10 tot 12 knopen verwacht, de kans om makkelijk aan de overkant te komen. Dus vroeg te kooi en de wekker op vijf uur dertig. Om zes uur, moet je nagaan dat het hier dan pas vijf uur is, schutten we naar buiten en hebben net licht genoeg om onze weg in de riviermonding te vinden. We zijn al ruim buiten op zee als de zon voor ons op komt. Het wordt echter niet dat mooie zeilweer, waar we naar uitgekeken hebben, de wind is voor de zoveelste keer niet krachtig genoeg om in de heersende zeegang het zeil bol te houden. We rollebollen weer hevig en al snel gaan we op de motor varen, omdat we stapel gek worden van de wild heen en weer slaande zeilen. De hoop dat het gedurende de dag wel beter zal worden, is ijdel. De hele weg tot Blankenberge, waar we net na zonsondergang tussen de pieren liggen, loopt de motor.

Als de zon opkomt zijn we al ruim op zee.

Als de zon opkomt zijn we al ruim op zee.

Er wordt voor morgen goed weer verwacht om verder te gaan, maar na een lange dag Boeke, Boeke, Boek, stellen we dat uit tot het verwachte mooie weer van a.s. zaterdag. Het zou ook dom zijn om, zonder van deze stad te genieten, meteen verder te trekken. Met de bakker en terrasjes op loopafstand, om nog maar te zwijgen over de gastvrijheid van de Vrije Noordzee Zeilers. Zaterdag 23 augustus varen we, vier uur voor hoogwater, om 9.30 uur uit. Wat heerlijk dat er, de laatste etappe van onze zeilreis, eindelijk weer eens lekker gezeild kan worden. Op alleen de fok en de stroom die vanaf het tweede uur stevig meeloopt, liggen we na vier uur varen al in de sluis van Vlissingen, die wat zijn we toch een bofkonten al openstaat als we aankomen.

De bruggen en de sluis van Veere met een tankstop in Middelburg maken, dat we zeven uur na vertrek uit Blankenberge vast maken aan de F stijger nummer vier van de gemeente haven in Kamperland. Er klinkt een welkomst stoot op de scheepshoorn en er zijn helpende handen om lijnen aan te pakken. Home sweet home!!!

WEERZIEN MET OUDE VRIENDEN

Kaart 11
PALADIJN ligt naar net afgemeerd of Mike komt er al aan gealarmeerd door Nelly, die gebeld heeft dat we er zijn. Het regent nog steeds en het water druipt van hem af. We moeten mee voor de koffie. Wat een warm gevoel geeft het toch steeds weer, als we deze heerlijke mensen bezoeken. Jullie moeten komen eten morgen, zegt Hazel en overmorgen gaan we weer ergens heen, waar wat te zien is. Als we later aanschuiven liggen er naast onze borden, zoals altijd, feestelijk ingepakte cadeautjes. Voor Nelly een ketting van gepolijste stenen gevat in koperdraad en voor mij weer iets ondeugends. Het was al eens een ingeblikte onderbroek voor noodgevallen en ditmaal een gemodificeerd beeldje van manneke pis, dat inzetbaar is als kurkentrekker en flesopener.

Manneke kurkentrekker

Manneke kurkentrekker

De volgende dag worden we om elf uur opgehaald voor ons bezoek aan de geboorteplaats van de beroemde Engelse landschapschilder, John Constable, die hier in de 18e eeuw woonde en werkte. Als we Flatford binnen rijden, schrikken we wel van het toeristische karakter dat dit eens zo romantische oord anno 2014 heeft gekregen, maar we hebben fantasie genoeg om ons te kunnen voorstellen hoe het eenmaal was.

Picknick in Flatford

Picknick in Flatford

De tijd vliegt voorbij, na een etentje aan boord van Paladijn en nog een etentje in huize Camelot, gaan op 16 augustus in het eerste daglicht de trossen los. Langs de Bench Head boei,dan bezuiden Colne Bars door de Wallet en Medusa Channel bij Harwich naar binnen. Tenslotte de River Stour over en schutten in Shotley Marina, voor een paar daagjes rust.

Vroeg op weg.

Vroeg op weg.

 

WE VOLGEN HET SPOOR TERUG, MET EEN STAARTJE

Kaart 10
We blijven een paar dagen in de jachthaven van Cherbourg, zorgen ervoor dat er weer een reserve impeller aan boord krijgen en gaan dan weer op weg. Wat een mooi begin, we zijn nog maar goed en wel in de buitenhaven of er komen een groep dolfijnen afscheid van ons en de andere vertrekkende jachten nemen! Vrolijk dartelen deze prachtige dieren voor de boeg van het schip naast ons en voor onze boeg.

De eerste paar uur en met name nabij de punt van Barfleur worden wij en de andere schepen om ons heen wild heen en weer gesmeten door de gemene hoge en korte golven, die bij stroom tegen wind het leven hier tot een hel maken. Maar gelukkig neemt deze razernij, naar mate de vuurtoren van Barfleur achter ons verdwijnt, af en wordt het leven aan boord weer normaal. We doen vergeefs pogingen wat makrelen te vangen, maar komen niet verder als een paar keer alarm van de vismolen en lege haken bij het inhalen. In Le Havre blijven we ook een dagje extra. Nelly doet de was en samen wandelen we door de stad, doen wat boodschappen, smullen van een ijsje en pikken een terrasje. Dan varen we naar Fécamp. Dicht onder de wal om maar zo veel mogelijk van de mooie krijtrotsen te genieten. Opnieuw wordt er gevist zonder resultaat. Ik moet er maar eens een nieuwe Paternoster tegenaan gooien. Dat werkt, onderweg van Fécamp naar Dieppe vangen we drie mooie makrelen, die zodra we binnen zijn, in de visroker gaan en vervolgens met een aardappelsalade in onze buiken verdwijnen.

Verder gaat het. Eerst van Dieppe naar Le Tréport, van Tréport naar Boulogne. Het is kenmerkend, dat er de hele weg van Cherbourg tot Boulogne sur Mer niet of nauwelijks gezeild kan worden en we meer brandstof verstoken dan ons lief is. Er doet een hartnekkig gerucht de ronde over de staart van een orkaan die op weg is naar europa en ja hoor, op WindGuru worden de windverwachtingen al maar roder en paarser. Als we voor de storm losbarst in de beschutting van Tollesbury willen zijn, mogen we niet dralen. Ondanks de verwachte regen en het daar bij horende slechte zicht, vertrekken we richting Engeland. Langs een wazig Cap Gris Nez, dan netjes haaks door de scheepvaartroute en daarna onder het walletje bij Deal en naar binnen in Ramsgate. De volgende dag al weer verder. Tussen en om de banken in de Estuary en voorlangs Mersea Island. Daar gaat het mis! Ondanks de drie meter water, die er minimaal moet staan in de aanloop van de kreek, lopen we aan de grond en zien geen kans voor noch achteruit te komen. Dat lukt pas, als vijf uur later het water weer hoog genoeg is. Gelukkig is hier in de buurt een bodem van dunne modder, waar je gewoon rechtstandig in de prut zakt. Voor vandaag geven we het op en overnachten aan een mooring voor West Mersea. Als de volgende dag wind al aan het aanwakkeren is, varen we opnieuw de kreek in, waar ditmaal wel genoeg water staat en lopen in een stortbui met onweer en windstoten Tollesbury Marina binnen. Letterlijk met de hakken over de sloot, omdat we maar net vastliggen aan de C steiger nummer 6, als het echt begint te blazen.

Veilig aan de C-steiger nr. 6 in Tollesbury marina

Veilig aan de C-steiger nr. 6 in Tollesbury marina

 

PECH ONDERWEG

Kaart 09
Een goed begin is het halve werk. Keurig op tijd vertrokken, met de stroom al wat meelopend, verdwijnt Alderney al spoedig achter ons. De koers is ook goed. We hoeven niet echt hoog aan de wind te varen, om de westerlijke ingang van de Solent te halen. 28 Juli 2014 lijkt voor ons een prima dag te worden. Dan begint de wind te draaien. Geen nood , we passen gewoon het reisdoel aan; eerst wordt het Chichester, dan Brighton en tenslotte mogen we blij zijn als we Eastbourne kunnen halen.
Al een tijd varen we evenwijdig aan de beide scheepvaartroutes in de separatiezone. Dan besluiten we een slag te gaan maken en de noordelijke baan over te steken. Om de snelheid wat op te voeren, starten we de motor. Geschrokken kijk ik op! Dat vreemde getoeter van de uitlaat komt me bekend voor. Snel de trap opzij en aan het thermostaathuis voelen. Gadver, gloeiend heet! We krijgen geen koelwater. De motor gaat uit en we kijken elkaar wat sip aan. Ja, is het een zeilboot of niet, staat op onze gezichten te lezen. Op dit moment is Cherbourg het dichtst bij en goed bezeild. De koers gaat om en opnieuw steken we de zuidelijke baan met scheepvaartverkeer over. We hebben geluk dat we dit keer, zonder van koers af te moeten, de grote jongens voor- of achterlangs zien komen. Minder gelukkig zijn we met de wind, die naarmate we dichter bij Cherbourg komen, al maar in kracht afneemt. Ik maak me ongerust nu onze snelheid zodanig afneemt, dat het pareren van de sterke stroom, die hier loopt, in gevaar komt. Hetzelfde geldt voor kunnen uitwijken. Er moet wat gebeuren!
Kuipvlonders weg, motorluik open en gereedschapskist bij de hand. Hangend met mijn buik over het brugdekje en mijn knieën op de trap, kan ik net bij de koelwaterpomp. Gelukkig is de motor al niet zo heet meer, maar het hevig rollen van de boot maakt de klus al moeilijk genoeg. Eerst maar eens uitvinden wat precies het probleem is. Ik schroef de vier boutjes van het pompdekseltje een beetje los en meteen stroomt er water binnen, snel draai ik het weer vast. Het is dus niet de inlaatopening in de saildrive, maar de pomp zelf. De boordkraan in het staartstuk gaat dicht en het dekseltje er helemaal af.

Niet veel meer van over.

Niet veel meer van over.

Het is dan niet zo moeilijk meer de in de soep gedraaide oude impeller te vervangen voor een nieuwe. Wel even wat invetten en een nieuwe pakking tussen huis en deksel. De boordkraan gaat weer open en ik controleer de zaak op lekkage. Nel, start eens. De motor loopt weer, het vreemde getoeter is weg en de temperatuur blijft goed. Zo, dat geeft een veiliger gevoel, vooral nu de wind zover is afgenomen, dat we onder zeil nauwelijks nog vooruit komen.
Na 60 zeemijlen zwalken benoorden het schiereiland Cotentin, maken we ’s avonds vast in de jachthaven van Cherbourg. Moe en ook wel wat teleurgesteld, maar we verzinnen wel weer een nieuw plan.

Veilig binnen in Cherbourg

Veilig binnen in Cherbourg